Binnen de AQHA zijn er meer dan 35 wedstrijdonderdelen die tijdens een wedstrijd uitgeschreven kunnen worden. In Nederland schrijven wij de onderstaande onderdelen uit.

Halter

Bij de halter wordt het paard beoordeeld op exterieur naar de richtlijnen van het ras (deze zijn voor ieder ras vastgelegd in het stamboek). Dit is 90% van de uiteindelijke beoordeling. De andere 10% hangt ervan af hoe de persoon het paard voorbrengt.
De paarden worden één voor één aan de hand binnen gebracht in stap en moeten in een rechte lijn naar de jury lopen. Als men bij de jury aankomt wordt gevraagd te draven in dezelfde rechte lijn, waarna je naar links wendt, doordraaft, vervolgens in stap gaat, weer een wending naar links maakt en je achter elkaar opstelt. Het paard wordt ‘vierkant’ opgesteld, wat betekent dat de voorbenen en achterbenen van het paard netjes naast elkaar staan en samen een vierkant vormen. Daarnaast heeft het paard een mooi leren showhalster aan bewerkt met zilver of goud. Vervolgens komt de jury en loopt om de paarden heen om ze goed te kunnen beoordelen. Hij/zij let op een correcte bouw en bekijkt of het paard aan de eisen van het ras voldoet. Bij halter is het belangrijk dat je je paard op een goede manier voorbrengt. De jury zal het paard dan optimaal kunnen beoordelen.

Western Pleasure

Een goed pleasure paard heeft een soepele pas met redelijke lengte die in verhouding is met zijn bouw. Hij moet een redelijke afstand afleggen met weinig moeite. Het ideaal is een gebalanceerde, vloeiende beweging, terwijl het paard de juiste gangen laat zien met de juiste cadans. De kwaliteit en de consequentheid van de gangen zijn van groot belang. Het hoofd en hals worden gedragen in een natuurlijke, ontspannen positie, met de oren gelijk aan of iets boven de schoft. De neus mag niet achter de loodlijn komen, zodat het lijkt dat het paard geïntimideerd is, of met de neus er te ver uit, zodat het lijkt dat het paard verzet geeft. De neus mag iets voor de loodlijn, het paard maakt een attente indruk met oplettende oren. Het paard wordt gereden aan een redelijke losse teugel, waar wel contact en controle mee is. Hij moet netjes reageren, gemakkelijk en soepel een overgang maken als dat gevraagd wordt. Als er wordt gevraagd de pas te verruimen moet hij dat in dezelfde cadans doen. Maximaal aantal punten wordt gegeven aan het meest soepele, gebalanceerde en gewillige paard dat fit is en eruit ziet als een plezier om te rijden.

Reining

Een paard in de reining rijden is hem niet alleen leiden maar ook controle hebben over elke beweging van het paard. Het beste reiningpaard laat zich gewillig leiden met weinig hulpen, zonder verzet. Elke beweging die het paard uit zichzelf maakt wordt gezien als het verlies van controle van de ruiter. Alle wijzigingen in de proef worden gezien als tijdelijke verlies van de controle en als zodanig gejureerd al naar gelang de grote van de wijziging. Pluspunten zijn te verkrijgen door een vloeiende, soepele, goed gemanierde, vlotte, gecontroleerde proef te rijden met gecontroleerde snelheid. Eén van de elf (12) door de AQHA goedgekeurde proeven mag gebruikt worden, deze wordt geselecteerd door de jury en geldt voor de gehele klasse.

Western Horsemanship

Het onderdeel Western Horsemanship is bedoeld om de vakkundigheid van de ruiter te evalueren, die in samenwerking met zijn paard, een aantal manoeuvres moet uitvoeren, die door de jury zijn bepaald, precies en gelijkmatig terwijl de ruiter zelfverzekerd en met vertrouwen een gebalanceerd, functioneel en fundamenteel correcte lichaamshouding blijft houden. De ideale horsemanship pattern is extreem precies terwijl ruiter en paard compleet samenwerken en zij elke manoeuvre met kleine hulpen kunnen uitvoeren. Het hoofd en de nek van het paard worden gedragen in een ontspannen, natuurlijke positie, met de oren gelijk aan of iets boven de schoft. De neus mag niet achter de loodlijn, waardoor men de indruk krijgt van intimidatie, of de neus te ver naar voren, waardoor men de indruk krijgt van verzet. Alle deelnemers mogen de wedstrijdbak betreden en dan individueel het pattern rijden, of elke deelnemer komt individueel binnen. Dan is er een startlijst noodzakelijk. De deelnemers moet worden verteld of ze na het pattern de bak moeten verlaten, terug moeten in de line-up of op de hoefslag moeten wachten. De hele klasse of alleen de finalisten moeten op de hoefslag, op minimaal 1 hand, alle gangen laten zien. De volgende manoeuvres zijn acceptabel in het pattern: walk, jog, trot, extended trot, lope of extended lope in een rechte lijn, gebogen lijn, serpentine, cirkel of figuur 8, of een combinatie van deze gangen en manoeuvres, stop, achteruit in een rechte of gebogen lijn, draai of pivot, inclusief een spin en een rollback,om de achterhand of om de voorhand, sidepass, two-track of leg-yield, vliegende galopswissel of eenvoudige galopswissel, contra-galop, of elke ander manoeuvre, het rijden zonder beugels. Een achteruit moet ergens gedurende de klasse worden gevraagd. De jury mag niet van de ruiters vragen om af te stijgen en weer op te stijgen.

Showmanship at Halter

Dit onderdeel zal geheel en alleen gejureerd worden op de kunsten van de deelnemer om het paard te presenteren aan het halster. Het paard is slechts een hulpmiddel van de deelnemer om te laten zien dat hij een paard showklaar kan maken en kan voorbrengen. In de ideale Showmanship heeft de deelnemer een houding die evenwichtig is, vol zelfvertrouwen, beleefd en te allen tijde sportief. Zowel paard als deelnemer zien er netjes en verzorgd uit, het parcours wordt vlot, netjes en nauwkeurig afgewerkt. Showmanship is niet een halter onderdeel en wordt ook niet als zodanig gejureerd. Alle deelnemers mogen de wedstrijdbak betreden en individueel het parcours lopen, of de deelnemers komen individueel de bak binnen. In dit laatste geval is er een startlijst. De volgende manoeuvres zijn acceptabel: het paard tonen in de walk, jog, trot of extended trot, achteruit in een rechte of gebogen lijn, of een combinatie hiervan, stop, 90 (1/4), 180 (1/2), 270 (3/4) of 360 (hele) graden draaien, of een combinatie hiervan, of meerdere draaien, het paard vierkant zetten ter inspectie voor de jury.

Trail

Dit onderdeel zal worden gejureerd op de prestatie van het paard over hindernissen, met de nadruk op hoe het paard zich gedraagt, hoe het reageert op de hulpen van de ruiter en de kwaliteit van zijn bewegingen. Pluspunten zullen worden gegeven aan het paard dat de hindernis met stijl en enige snelheid kan nemen, maar het mag niet ten koste gaan van de netheid van de proef. Paarden krijgen ook pluspunten als ze attent zijn op de hindernissen en de capaciteit laten zien dat ze zelf door het parcours hun weg kunnen vinden als daarom gevraagd wordt en ze gewillig luisteren naar de hulpen van de ruiter bij de moeilijkere hindernissen.Het paard krijgt penalty’s als het onnodig aarzelt of twijfelt bij een hindernis. Paarden die een aangeleerde reactie vertonen bij een hindernis krijgen ook een penalty. Paarden zullen niet worden gevraagd op de hoefslag te rijden. Het parcours moet zodanig zijn ontwikkeld dat er wel alle drie de gangen worden gevraagd tussen de hindernissen. De kwaliteit van de gangen en de cadans zal worden gejureerd bij een hindernisscore. In deze gangen is het paard in balans, hoofd en nek in een natuurlijke ontspannen houding, waarbij de oren iets boven de schoft mag komen. Hoofd te laag en/of neus achter de loodlijn/neus er te ver uit geeft minpunten. De jury bepaalt de gangen tussen de hindernissen.

Western Riding

Western Riding is het onderdeel waar het paard wordt gejureerd op de kwaliteit van de gangen, de vliegende galopwissels, gehoorzaamheid aan de ruiter, manieren en houding van het paard. Het paard moet presteren met een redelijke snelheid en met een normale, goed gemanierde, vrije en makkelijke beweging. Pluspunten worden gegeven voor en de nadruk ligt op soepele taktmatige gangen bij gelijkmatig tempo gedurende het gehele parcours, voor de bekwaamheid van het paard om galopwissels precies, gemakkelijk en tegelijkertijd met zowel de voor- als achterbenen in het midden tussen 2 pionnen uit te voeren. Om in balans te zijn en een goede kwaliteit van de galopwissel te hebben moet het paard een ontspannen hoofdhouding hebben, waarbij de oren hoger mogen komen dan de schoft, attent zijn op de teugelhulp van de ruiter en voldoende buiging geven in de hals bij de bochten. Paarden mogen gereden worden met licht contact of met een losse teugel. De hindernis in draf en galop moet het paard zonder moeite en zonder te versnellen nemen. De jury kan kiezen uit acht patterns.

Hunter under Saddle

Hunterpaarden zouden geschikt moeten zijn voor het doel. Het paard moet met lange, lage passen met gemak soepel voorwaarts bewegen, moet de pas kunnen verlengen en daardoor meer afstand maken met relaxed, soepele bewegingen, terwijl het de juiste gangen laat zien met de juiste cadans. De kwaliteit van de beweging en de continuïteit van de gangen zijn van groot belang.Het paard moet netjes luisteren, een attente indruk maken met oplettende oren, moet snel en gemakkelijk reageren op de hulpen van de benen en handen van de ruiter. De overgangen moeten soepel zijn. Wanneer er extended trot of hand galop gevraagd wordt, moet het paard soepel en vrijwillig voorwaarts gaan. Het hoofd moet gelijk of iets boven de schoft zijn om de juiste stimulans van de achterhand te krijgen. De neus moet verticaal of er iets uit lopen.

Hunt Seat Equitation

Dit onderdeel is een evaluatie gebaseerd op het prestatievermogen van de ruiter om verschillende figuren en overgangen te rijden in harmonie met zijn/haar paard. De communicatie tussen paard en ruiter moet met subtiele commando’s gebeuren en deze mogen niet zichtbaar zijn. Dit onderdeel wordt de ruiter en zijn effect op het paard gejureerd. Dit onderdeel dient als basis voor de overgang naar de onderdelen over sprongen. De oren moeten gelijk of iets boven de schoft zijn, om de juiste impuls van achteren te krijgen. De neus mag niet achter de loodlijn zijn en de indruk wekken van intimidatie, maar er ook niet extreem uit lopen en de indruk wekken van verzet. Het is verplicht dat de jury het parcours minimaal een uur voordat het onderdeel begint ophangt. Het parcours moet zodanig zijn gemaakt dat het merendeel van de ruiters het binnen 60 seconden kan afleggen. Alle parcours moeten een trot en canter bevatten. Voor de jeugd van 13 and under moeten parcours gemaakt worden met figuren en overgangen uit groep #1 en/of groep #2. De gangen en cadans van het paard moeten hetzelfde zijn als het gedeelte van de proef op de hoefslag. Bij gelijke plaatsing bepaalt de jury het eindresultaat. Deelnemers mogen gevraagd worden één voor één de bak binnen te komen of allemaal tegelijk, maar er moet een startvolgorde zijn. Alle deelnemers of alleen de finalisten moeten alle drie de gangen laten zien op de hoefslag in minimaal één rijrichting. Het “hoefslag” gedeelte kan worden gebruikt om gelijke plaatsingen te voorkomen en laatste plaatsingen te bepalen. Het individuele proefje kan bestaan uit: Groep #1 : Walk, Sitting trot (doorzitten), extended trot, posting trot (lichtrijden), canter, circles, figure 8, halt, back, sidepass, address reins (teugels langer/korter), demonstrate change of diagonal (van been veranderen). Groep #2: Serpentine(slangevolte) (trot or canter),turn on haunches or forehand (wending achterhand of voorhand), leg yield (wijken voor het been), flying or simple change of lead. Groep #3: canter and hand gallop in a straight or curved line, counter canter figure 8, drop or pick-up Irons without stopping (beugels uit en aandoen zonder te stoppen).

Hunter Hack

Een Hunter Hack paard moet op dezelfde manier bewegen als een Hunter paard. Dit onderdeel wordt gejureerd op de stijl van springen, gangen van een hunter paard en manieren. Het hoofd van het paard wordt gedragen op de hoogte van de schoft zodat er voldoende stuwing van achter kan komen. De combinatie zal worden gevraagd te springen over twee sprongen tussen de 70 en 90 centimeter. Deze sprongen staan minimaal 3,5 meter (of een meervoud hiervan) uit elkaar. Een grondbalk wordt aangeraden. Na de sprongen is er nog een gedeelte “railwork”. Hier worden alle deelnemers, of alleen de finalisten, gevraagd in de walk, trot en canter. Deze gangen worden met licht contact gereden.

Ranch Riding

Vanaf 2013 schrijven wij ook de Ranch Riding uit. De Ranch Riding houd in dat er een pattern gereden wordt met een stukje extented trot/jog, (extented) lope, achterwaarts, turn, balkjes etc.
De bedoeling is dat het meer voorwaarts (werktempo) gereden gaat worden. De teugelvoering is ook korter dan bijvoorbeeld bij de Western Pleasure. Kleding, spijkerbroek, blouse en vooral geen bling bling, ook niet op je zadel zijn een vereiste en bovendien hoef je de hoeven niet te blacken en ook niet te stieken.